Stewart laat zich zien in Rotterdam: PSV zet Ajax onder druk op de zomermarkt

Earnest Stewart zat dinsdagavond op Het Kasteel bij Sparta Rotterdam – NEC en dat soort beelden zijn nooit helemaal onschuldig. PSV is halverwege februari al bijna kampioen, maar de technisch directeur kiest er toch voor om in een Eredivisie-stadion te gaan kijken naar spelers die ook bij Ajax op lijstjes staan. 

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Earnest Stewart was aanwezig bij het duel
Earnest Stewart was aanwezig bij het duel

Het kan natuurlijk simpel zijn. Een directeur die live wil zien of een speler ook overeind blijft als het tempo omhoog gaat en het stadion wat dichter op het veld zit. Toch klinkt op zo’n avond meteen de zomer mee. Zeker omdat er twee namen rondzingen: een Sparta-verdediger die al eens in Eindhoven onderwerp van onderhandeling was, en een NEC-middenvelder voor wie Ajax in januari naar verluidt al concreet is geweest. Marvin Young en Kodai Sano troffen elkaar onder andere.

Sparta – NEC als scoutingmoment: waarom dit beeld rondgaat

De kern van het nieuws is niet dat PSV “interesse heeft”. Dat hebben topclubs altijd. Het nieuws is dat Stewart zichtbaar is. ESPN laat hem in beeld komen, de commentator benoemt het, en dan gaat het rond. Dat is precies hoe de markt werkt: signalen zijn soms net zo belangrijk als gesprekken. Wat er achter die keuze zit, blijft gissen. Het kan zijn dat PSV één speler wil checken, het kan ook zijn dat Stewart twee profielen wil vergelijken binnen één wedstrijd. En het kan ook gewoon toeval zijn, omdat je als technisch directeur toch al veel ritme in je scoutingmomenten hebt. 

Dat PSV in een luxepositie zit, helpt daarbij. Als je richting een derde titel op rij gaat, voelt elk gesprek anders. PSV kan spelers benaderen met een helder verhaal: sportief uitzicht, Champions League-etalage, en een selectie waar doorstroming én rotatie logisch te verkopen zijn. Dat maakt een stap aantrekkelijk, ook als er meer clubs bellen.

PSV en Ajax kijken dezelfde kant op

Wat deze avond extra interessant maakt, is de overlap met Ajax. De verdediger van Sparta, Young, is al langer in beeld bij clubs uit de top en werd eerder ook aan PSV gelinkt, maar volgens de verhalen kwam er toen geen akkoord over de prijs. Dat is precies het soort situatie waar een club later op terug kan komen, zeker als de speler zich blijft ontwikkelen en Sparta ook weet dat er meer kapers op de kust zijn.

Bij de NEC-middenvelder Sano ligt dat anders. Daar speelde in januari al het verhaal dat Ajax het meest concreet was, maar dat NEC hem midden in het seizoen niet wilde laten gaan. Dat soort “nee” betekent zelden dat het klaar is. Vaak betekent het: later praten we verder, voor een andere prijs, met andere voorwaarden. En dus kan PSV in februari al besluiten: we gaan hem ook bekijken, want straks is het juni en is iedereen laat.

Voor Ajax is dit het bekende dilemma. De club wil Eredivisie-talent vroeg identificeren, maar moet ook kiezen waar ze wél en niet op doorpakken. Zeker nu de scouting en de technische leiding in Amsterdam onder een vergrootglas liggen, voelt elke misser groter. PSV hoeft minder te bewijzen op dat vlak. Dat geeft rust.

De druk zit niet alleen op het veld, maar ook in het tempo

In de zomer gaat het vaak om miljoenen en clausules, maar in februari begint het met tempo. Wie het eerst het profiel scherp heeft, wie het eerst de gesprekken opent, wie het eerst intern beslist: “dit is er één”. Een bezoek aan Sparta – NEC past in dat vroege tempo.

Het is ook een manier om de markt te testen. Sparta en NEC weten: als PSV komt kijken, wordt het serieuzer. De omgeving van spelers weet ook: er is meer dan één topclub. En zodra er het idee ontstaat dat Ajax en PSV in dezelfde vijver vissen, stijgt de prijs vanzelf. Niet omdat clubs per se willen opjagen, maar omdat ze simpelweg zien dat ze sterke kaarten hebben. Daar zit het “druk zetten” uit de kop. Niet als harde actie richting Ajax, maar als bijeffect. PSV hoeft Ajax niet te bellen om druk te veroorzaken; het hoeft alleen zichtbaar te zijn op de juiste plek.

Wat PSV ermee wint, zelfs als er niets volgt

Stel dat PSV uiteindelijk geen van beide spelers haalt. Dan nog is zo’n avond niet verloren. Je hebt informatie opgedaan, je hebt een profiel live gezien, je hebt intern weer wat bevestigd of juist ontkracht. En je hebt de boodschap afgegeven dat PSV deze zomer niet afwacht. Dat laatste is misschien wel het belangrijkste. PSV heeft de afgelopen jaren laten zien dat het kan domineren met een slimme selectie-opbouw, maar ook dat het door moet blijven schuiven om niet stil te vallen. Een technisch directeur die in februari al in Rotterdam zit, past bij die logica: nu al vooruit kijken, zodat je in juni niet in paniek hoeft te handelen.

En Ajax? Die zal het herkennen. Alleen is de ruimte om fouten te maken daar kleiner. Dit soort overlappingen worden in Amsterdam sneller een onderwerp van gesprek, zeker als het later een “gemiste” speler blijkt.

De echte vraag richting de zomer: wie bepaalt de prijs?

Het Kasteel is in dit verhaal meer dan een stadion. Het staat symbool voor een Eredivisie-middenmoter die talent kan vasthouden en verkopen op eigen voorwaarden. NEC zit in een vergelijkbare positie: sportief ambitieus, zakelijk niet naïef, en niet meer automatisch onder de indruk van een topclub-logo.

Dat betekent dat PSV en Ajax straks niet alleen met elkaar concurreren, maar ook met clubs die hun onderhandelingspositie kennen. De prijs wordt niet meer bepaald door “wat Ajax wil betalen”, maar door “wat de verkopende club kan krijgen”. En als PSV vroeg aan tafel zit, kan dat net het verschil maken in gevoel, timing en structuur van een deal. Of Stewart dinsdag in Rotterdam zat voor één naam of twee, blijft voorlopig een aanname. Wat wél zichtbaar is: PSV wil niet pas in mei beginnen. En dat is precies waarom dit soort beelden blijven hangen.

Salarissen scheidsrechters
Duurste Nederlandse voetballers