Vijf ontwikkelingen buiten Ajax die de zomer van de club nu al bepalen
Inhoudsopgave
Veel Ajacieden kijken al naar de trainer van volgend seizoen, naar nieuwe namen voor de basis en naar spelers die weg mogen. Alleen begint de zomer van Ajax niet pas na de laatste speelronde. Hij is al bezig. En opvallend vaak niet in de Johan Cruijff ArenA, maar ergens anders: in Ipswich, in Praag, in Angers, op WK-velden en in de bestuurskamers waar trainers schuiven. Die lijnen werden de voorbije dagen ook overzichtelijk in kaart gebracht door AjaxFinancials.com, dat liet zien hoeveel van de Amsterdamse speelruimte straks buiten de club zelf wordt bepaald.
(Tekst gaat verder onder afbeelding)

De Eredivisie-stand bepaalt voor Ajax veel meer dan alleen prestige
De grootste factor ligt nog altijd gewoon in Nederland. Waar Ajax eindigt in de Eredivisie, bepaalt niet alleen welk Europees ticket de club pakt, maar ook hoeveel rust er in de zomer ontstaat. Dat verschil is groot. Champions League-geld, Europa League-geld, Conference League-geld of helemaal niets: het tikt direct door in begroting, selectieplanning en verkoopdruk.
Daar komt de bekerfinale nog overheen. De combinatie van de eindstand en de bekerwinnaar bepaalt hoe de Europese tickets precies doorschuiven. Daardoor kijkt Ajax niet alleen naar zijn eigen wedstrijden, maar ook naar wat NEC, AZ, FC Twente en andere concurrenten doen. Ook de tv-gelden hangen samen met die eindrangschikking. Dat zijn geen bedragen waar supporters direct warm van worden, maar ze tellen wel op. Zeker in een zomer waarin Ajax niet zomaar drie spelers voor dertig miljoen per stuk lijkt te kunnen verkopen.
Ipswich en Chuba Akpom blijven een opvallend Amsterdams zijspoor
Daar is dan Chuba Akpom. Een speler die sportief allang geen hoofdthema meer is in Amsterdam, maar financieel nog wel degelijk. Omdat Ipswich promoveert en aan de voorwaarden in de deal wordt voldaan, kan Ajax hem definitief kwijtraken voor een bedrag dat rond de acht miljoen euro ligt. Dat is op zichzelf al relevant, maar het grootste voordeel zit waarschijnlijk ergens anders.
Akpom drukt nog op de loonlijst. Hij vertegenwoordigt ook afschrijvingen die Ajax liever kwijt dan rijk is. Daardoor voelt promotie van Ipswich voor Ajax niet alleen als een transfersom, maar als vrijgekomen ruimte. En ruimte is voor deze club deze zomer bijna net zo belangrijk als cash. Het scheelt in salaris, het scheelt in boekhouding en het maakt een paar vervolgstappen net iets makkelijker. Dat zie je niet meteen aan een ranglijst in het Championship. Maar in Amsterdam kijken ze daar echt naar.
Sparta Praag, Angers en andere huurlingen kunnen kleine schuiven grote waarde geven
Niet iedere externe ontwikkeling hoeft meteen miljoenen op te leveren om relevant te zijn. Bij verhuurde spelers werkt het vaak subtieler. En bij spelers als Sivert Mannsverk of Branco van den Boomen gaat het vooral om de vraag of hun tijdelijke club door wil, kan of moet.
Mannsverk bij Sparta Praag is daarin een interessante. Een koopoptie zonder automatische verplichting geeft minder zekerheid, maar de sportieve context helpt wel mee. Haalt Sparta Praag de Champions League, dan verandert er vaak iets in wat een club aandurft. Hetzelfde geldt op een andere manier voor Van den Boomen bij Angers SCO. Blijft die club in de Ligue 1, dan ziet de zomer er anders uit dan bij degradatie.
Dit zijn geen onderwerpen waar supporters elke dag mee wakker worden. Toch kunnen juist deze randzaken bepalen of Ajax in juli drie problemen tegelijk heeft of er alvast twee heeft weggewerkt.
Het WK kan voor Ajax geld en onrust tegelijk brengen
Ook het WK hangt al boven de club. Ajax levert naar verwachting een handvol internationals af. Dat levert FIFA-compensatie op. Geen astronomische bedragen, maar wel geld dat direct binnenkomt. Tel daarbij op dat een goed toernooi transferwaardes kan opduwen en je snapt waarom de club dit nauwkeurig zal volgen.
Alleen zit daar ook een andere kant aan. Een WK is goed voor zichtbaarheid, maar slecht voor rust. Spelers komen later terug, raken soms overbelast of spelen zich juist nadrukkelijker in de etalage dan Ajax lief is. Dat geldt bij deze selectie bijvoorbeeld sneller voor een speler als Mika Godts dan voor iemand die juist buiten de schijnwerpers is geraakt. Het WK kan dus financieel helpen, maar ook de timing van de selectieopbouw verstoren. Dat is geen detail. Zeker niet als Ajax opnieuw aan veel puzzelstukken tegelijk begint.
De trainersmarkt boven Ajax beweegt net zo hard als Ajax zelf
Dan is er nog de trainersmarkt. Misschien wel het interessantste deel, juist omdat het minder tastbaar is. Ajax zoekt naar richting, maar doet dat in een markt die deze zomer waarschijnlijk weer alle kanten op schiet. Zodra er bij grotere clubs iets beweegt, schuift de rest mee. Een trainer vertrekt, een andere kandidaat komt vrij, een club onderin Spanje houdt iemand toch vast, ergens anders komt een stoel open. Zo werkt het.
Voor Ajax is dat extra belangrijk, omdat de keuze voor een trainer dit keer verder gaat dan alleen de bank. De nieuwe coach bepaalt mee wie bruikbaar wordt, wie verkoopbaar wordt en welke versterkingen logisch voelen. Daardoor hangt er veel af van hoe clubs in La Liga hun seizoen eindigen, hoe lang bepaalde trainers blijven zitten en welke namen ineens beschikbaar komen. Dat spel wordt nu al gespeeld, alleen nog zonder dat Ajax alles in eigen hand heeft.
De zomer van Ajax begint dus al ver voor juli
Dat is uiteindelijk de kern van alles. Veel supporters willen weten welke linksback, rechtsback, spits, keeper of trainer er straks komt. Alleen gaat daar eerst iets anders aan vooraf: voorwaarden. Geld, ruimte, duidelijkheid, timing. En die worden in deze slotweken opvallend vaak buiten Ajax zelf gevormd.
De club moet natuurlijk eerst naar zichzelf kijken. Naar de Eredivisie, naar de eigen keuzes, naar de selectie die op te veel plekken schuurt. Maar wie alleen naar Amsterdam kijkt, mist een deel van het verhaal. De zomer van Ajax wordt nu al voorbereid in andere stadions, andere competities en andere vergaderruimtes.



