Hoe Nederland zijn tweede Champions League-ticket kwijtraakte

Sinds de zomer van 2022 stond Nederland zesde op de UEFA-coëfficiëntenranglijst. Geen plek om over op te scheppen, maar wel één met grote waarde. Twee clubs rechtstreeks naar de Champions League, zonder voorrondes, zonder risico. Het was een buffer die rust gaf, sportief én financieel.

De Champions League: voor Nederland straks waarschijnlijk alleen nog bereikbaar via één rechtstreeks ticket in plaats van twee.
De Champions League: voor Nederland straks waarschijnlijk alleen nog bereikbaar via één rechtstreeks ticket in plaats van twee.

Die buffer is nu weg. Door de tegenvallende resultaten van Nederlandse clubs dit seizoen is Portugal definitief voorbij Nederland gegaan. De zesde plek is verloren, en daarmee ook het recht op twee directe tickets voor de Champions League. Als de huidige stand blijft staan, mag vanaf het seizoen 2027/28 alleen de landskampioen nog rechtstreeks instromen in het hoofdtoernooi.

Dat moment voelt als een omslagpunt.

Geen incident, maar een optelsom

Het is verleidelijk om te wijzen naar deze Europese week, of naar één pijnlijke uitschakeling. Maar de waarheid is minder scherp omlijnd. Nederland is niet ingehaald door één slechte avond, maar door een reeks gemiste kansen.

Door de tegenvallende uitslagen in de CL strandden PSV en Ajax dit seizoen al in de competitiefase van de Champions League. Feyenoord, Go Ahead Eagles en FC Utrecht overleefden Europa niet. Alleen AZ is nog actief, in de Conference League, en kan de schade hooguit beperken. De achterstand op Portugal bedraagt inmiddels 2,671 punt. Dat gat is te groot om dit seizoen nog te dichten.

Portugal daarentegen leverde precies wat nodig was. Sporting, Benfica, Porto en Braga haalden niet alleen overwinningen, maar ook bonuspunten door het bereiken van volgende rondes. Dat verschil in diepte en consistentie blijkt beslissend.

De harde rekensom van de coëfficiënten

De UEFA-coëfficiëntenlijst werkt meedogenloos. Overwinningen leveren twee punten op, gelijke spelen één. Daarbovenop komen bonuspunten voor het halen van knock-outrondes. Alles wordt opgeteld over vijf seizoenen, waarna één zwak jaar nooit meteen fataal is — maar wel kan doorslaggevend worden als het zich opstapelt.

Precies daar zit het probleem voor Nederland. De sterke Europese jaren van eerder vervagen langzaam uit de telling. Wat overblijft, zijn recentere seizoenen waarin Nederlandse clubs vaker vroeg sneuvelden dan gehoopt.

Dat maakt de huidige terugval geen verrassing, maar wel een bevestiging. Nederland stond al op de rand. Dit seizoen heeft het zetje gegeven.

Wat er concreet verandert

Als Nederland het seizoen als nummer zeven afsluit, heeft dat directe gevolgen. De nummer twee van de Eredivisie stroomt in 2027 niet meer rechtstreeks de Champions League in, maar begint in de derde voorronde. Dat betekent extra wedstrijden, extra risico’s en geen enkele garantie op deelname aan het lucratieve hoofdtoernooi.

Daarnaast gaat er een Europa League-ticket verloren. Dat raakt niet alleen de top, maar ook de subtop, waar Europese inkomsten vaak het verschil maken tussen groeien en overleven.

België blijft voorlopig op ruime afstand, waardoor Nederland vrijwel zeker zevende eindigt. Voor dit seizoen is de schade dus helder: de oude zekerheden zijn verdwenen.

Waarom dit verder reikt dan de top drie

De gevolgen beperken zich niet tot Ajax, PSV en Feyenoord. Sinds 2019 worden Europese inkomsten in Nederland breder verdeeld. Minder Champions League-geld betekent dus ook minder solidariteitsgeld voor clubs die zelf nooit Europees spelen.

Dat raakt begrotingen, investeringen in jeugdopleidingen en de financiële ruimte in de breedte van het profvoetbal. Wat op papier een ranking lijkt, vertaalt zich in de praktijk naar keuzes die clubs moeten maken.

Het maakt de discussie over Europese prestaties plots veel minder abstract. Jan de Jong, directeur van de Eredivisie CV, luidde alvast de noodklok

Vooruitkijken wordt noodzakelijk

De tickets voor volgend seizoen (2026/27) staan al vast. Nederland profiteert dan nog één keer van twee directe Champions League-plekken. Maar wat daarna komt, hangt af van herstel. En dat herstel zal structureel moeten zijn.

In de volgende coëfficiëntencyclus staat Nederland virtueel zelfs achtste. Dat betekent dat de Eredivisie niet alleen Portugal, maar mogelijk ook België structureel voor zich moet dulden als de prestaties niet verbeteren.

Het enige lichtpunt is dat resultaten straks zwaarder meetellen, omdat Nederland met minder clubs Europa ingaat. Maar dat voordeel werkt alleen als die clubs ook daadwerkelijk presteren.

Een waarschuwing zonder paniek

Is dit het begin van een langdurige Europese terugval? Dat is nog te vroeg om te zeggen. Maar dat Nederland terrein heeft verloren, staat vast. De tweede Champions League-plek was geen vanzelfsprekendheid meer, en is dat nu ook officieel niet meer.

Misschien dwingt dat tot scherpere keuzes. Tot serieuzer omgaan met Europa, ook buiten de topwedstrijden. Want de coëfficiëntenlijst doet geen concessies. Die telt alleen wat er op het veld gebeurt.

En dit seizoen heeft Nederland simpelweg te weinig laten zien.

Salarissen scheidsrechters
Duurste Nederlandse voetballers