Hoe resultaatvoetbal Feyenoord richting Champions League duwt
Inhoudsopgave
Feyenoord speelt niet elke week het voetbal dat de Kuip gewend is. Het kraakt soms. Het schuurt. Tegen Telstar was het rommelig, tegen Utrecht moeizaam, tegen Go Ahead zeker niet groots. Toch loopt de ploeg van Robin van Persie langzaam maar zeker weg van de concurrentie.
En dat is precies waar het nu om draait: Champions League-voetbal veiligstellen.

De stand liegt minder dan het spel
Wie alleen naar het spel kijkt, ziet een ploeg die zoekt. Wisselende opstellingen, blessures op cruciale posities en fases waarin het tempo zakt. Tegen Telstar was de tweede helft bij vlagen een flipperkast. Tegen Utrecht bleef het hangen in duels en lange ballen.
Maar de stand vertelt iets anders.
Feyenoord blijft punten pakken. En belangrijker: Ajax en andere achtervolgers laten het vaker liggen. Daardoor is de marge gegroeid tot vijf punten. Dat is in deze fase van het seizoen geen detail, maar een buffer.
Champions League-voetbal wordt zelden veiliggesteld met applaus. Het wordt veiliggesteld met overwinningen.
Resultaat boven romantiek in de Kuip
Onder Arne Slot was Feyenoord herkenbaar dominant. Hoog druk zetten, snel combinatiespel, controle. Onder Van Persie is het beeld grilliger. Soms oogt het in De Kuip als zoeken naar balans tussen idealen en realiteit.
Maar Van Persie heeft één constante: winnen.
Ook als het spel niet vloeit. Ook als spelers niet topfit zijn. Ook als er geïmproviseerd moet worden, zoals met Jordan Bos, de verdediger die ineens op de flank moet opereren. In deze fase telt controle over de ranglijst zwaarder dan controle over het balbezit.
Individuele kwaliteit als vangnet
Feyenoord heeft iets wat veel concurrenten missen: individuele kwaliteit die een wedstrijd kan kantelen. Een actie van Moussa. Een goede insteekpass van Valente.
Zelfs de entree van Raheem Sterling – nog niet in topvorm – geeft aan dat Feyenoord zoekt naar extra zekerheid in de breedte. Dat zegt iets over de ambitie. En over het besef dat de marge bewaakt moet worden.
In de Eredivisie zijn er maar weinig ploegen die structureel beter zijn dan Feyenoord. PSV staat op afstand. Daarachter is het vooral een strijd om stabiliteit.
En stabiliteit wint het vaak van schoonheid.
Concurrentie helpt mee
Ajax kwam thuis niet verder dan een gelijkspel tegen NEC. Dat soort avonden zijn goud waard voor Feyenoord. Niet omdat het spel daar beter van wordt, maar omdat de druk verschuift.
Het gat van vijf punten is geen garantie. Met nog een klassieker en lastige uitwedstrijden op het programma kan het snel krimpen. Twente-uit, NAC-uit: het zijn wedstrijden waarin punten niet vanzelfsprekend zijn.
Maar elke week dat Feyenoord wint zonder te overtuigen, wordt de opdracht voor de achtervolgers zwaarder.
En dat werkt mentaal door.
Worstelen is soms volwassen worden
Er zit iets paradoxaals in dit Feyenoord. Het oogt minder dominant dan in voorgaande jaren. Er is zelfs sprake van opluchting na een kleine zege op laagvlieger Telstar. Alsof iedereen weet dat dit seizoen geen schoonheidsprijs wordt, maar wel een doel heeft.
Champions League-voetbal is financieel cruciaal voor de ploeg van Robin van Persie. Sportief belangrijk. En voor een club die de afgelopen jaren heeft geïnvesteerd in groei, een bevestiging.
Daar hoort soms een rommelige 2-1 bij. In de Kuip zal altijd honger naar mooi spel blijven. Maar in mei telt de eindstand.



