Racismezaken en straffen botsen: waarom UEFA het nooit ‘goed’ kan doen

Woensdag werd duidelijk dat Gianluca Prestianni definitief niet mag spelen in de return tegen Real Madrid, nadat Benfica vergeefs in beroep ging tegen zijn schorsing. Het nieuws zou al genoeg zijn voor een sportief verhaal: Benfica mist een speler in Bernabéu, klaar. Alleen zit er in dit geval een extra laag onder. Prestianni is geschorst in afwachting van een lopend UEFA-onderzoek naar een mogelijke racistische bejegening van Vinícius Júnior. De zaak is dus nog niet afgerond, maar de straf is er al wél: één wedstrijd aan de kant.

(Tekst gaat verder na de afbeelding)

Racismezaken en straffen botsen: waarom UEFA het nooit goed kan doen
Het moment waarop Prestianni racistische dingen zou hebben gezegd tegen Vinicius Junior. 

En precies daar ontstaat de botsing waar UEFA steeds vaker in terechtkomt. Aan de ene kant is er de druk om snel en zichtbaar te handelen bij racisme-incidenten, omdat wegkijken in dit domein bijna automatisch wordt gezien als meebuigen met het probleem. Aan de andere kant is er het basale idee van bewijs en procedure: eerst vaststellen wat er precies is gebeurd, dán pas straffen. Wanneer je die twee tegelijk probeert te bedienen, wordt het al snel een discussie waarin niemand zich volledig recht gedaan voelt.

Wat er ‘voorlopig’ wordt besloten, voelt voor spelers als definitief

UEFA heeft het onderzoek naar Prestianni nog niet afgerond, maar besloot hem in afwachting daarvan al te schorsen voor één duel. Formeel is dat een tijdelijke maatregel. In de praktijk is het voor de speler en zijn club een definitieve klap: je mist het duel, je mist het moment, en het verhaal kleeft aan je naam. Zeker als het om de return in het Estadio Santiago Bernabéu gaat, een wedstrijd waar een carrière soms net een tikje anders door voelt.

Dat maakt “voorlopig” een woord dat in dit soort zaken wringt. Het is een procedureterm, maar op het veld bestaat er geen voorlopige versie van een wedstrijd. Je speelt of je speelt niet.

Benfica ging in beroep. Dat werd afgewezen. Daarmee is de maatregel nu onomkeerbaar voor deze wedstrijd, ongeacht hoe het onderzoek uiteindelijk afloopt. En dat is precies het spanningsveld: een tijdelijke beslissing kan een permanent effect hebben.

Waarom UEFA juist bij racismezaken geen tijd wil verliezen

De andere kant is ook duidelijk. Racisme is al jaren een gevoelig en pijnlijk thema in het topvoetbal, en het vertrouwen in “we bekijken het later wel” is laag. Supporters, spelers en maatschappelijke organisaties hebben vaak gezien hoe incidenten verzanden in onduidelijkheid of minimale sancties. Daarom is er druk op bonden om direct te laten zien: dit nemen we serieus.

Die druk is deels terecht. Als er écht iets is gebeurd, wil je niet dat de speler intussen gewoon zijn grootste wedstrijd van het seizoen speelt alsof er niets aan de hand is. Dan voelt het voor slachtoffers en betrokkenen alsof er pas wordt gehandeld als de storm is gaan liggen. UEFA probeert dat te voorkomen door sneller te reageren.

Alleen: sneller reageren betekent soms ingrijpen voordat alle feiten volledig zijn uitgekristalliseerd. En daarmee neemt de kans toe dat de discussie verschuift van “wat is er gebeurd?” naar “waarom wordt er nu al gestraft?”

De zaak wordt extra scherp door de context: Real Madrid en het gevoel van meten met twee maten

Prestianni maakte het verhaal groter door op X uit te halen en Real Madrid impliciet te betrekken. In zijn bericht verwees hij naar een situatie in de heenwedstrijd waarin Federico Valverde Samuel Dahl een klap zou hebben gegeven, zonder straf. Vervolgens zette hij daar zijn eigen situatie tegenover: “Een andere straf zonder bewijs uitdelen kan blijkbaar ook” en hij suggereerde dat ze “het niet eens meer proberen te verbergen met Real Madrid.”

Dat bericht werd snel weer verwijderd, maar het effect is er al. Het is niet meer alleen een discussie over UEFA-procedures, maar ook over het hardnekkige gevoel dat topclubs anders worden behandeld. Dat gevoel bestaat in het voetbal al decennia, en bij Real Madrid is het frame extra snel gemaakt: de club die altijd net de wind mee krijgt.

Of dat in dit specifieke geval klopt, is moeilijk te zeggen op basis van één incident. Maar het mechanisme is herkenbaar: zodra een speler het “meten met twee maten”-argument op tafel legt, verschuift het gesprek naar emotie en wantrouwen. En dan wordt elke procedurestap van UEFA automatisch verdacht voor de helft van het publiek.

Bewijs, perceptie en het probleem van een verhaal dat sneller gaat dan de feiten

Een racismezaak heeft nog een complicerende factor: bewijs is vaak lastig. Veel gebeurt in het heetst van de strijd, tussen spelers, op momenten die niet altijd goed te horen of te zien zijn. Cameras staan overal, maar niet op geluidsniveau waar je elk woord kunt vangen. Getuigenverklaringen kunnen verschillen. Lip-reading is beperkt. En ondertussen draait de nieuwscyclus door.

In die situatie ontstaat een gat: fans willen antwoorden, clubs willen duidelijkheid, media willen duiding. Als UEFA dan zegt: “Het onderzoek loopt nog,” voelt dat voor sommigen als uitstel. Als UEFA intussen al schorst, voelt dat voor anderen als handelen zonder basis. Dat is de paradox: je kunt in dezelfde week te traag en te snel zijn.

Prestianni’s reactie past ook in dat gat. Als speler voel je je beoordeeld terwijl je nog niet gehoord bent, althans, zo kan het aanvoelen. Dan is social media een makkelijke uitlaatklep. Alleen gooi je daarmee meestal benzine op een vuur dat toch al brandt.

Wat Benfica en UEFA nu eigenlijk allebei proberen te beschermen

Voor Benfica is het duidelijk: je wil een speler kunnen inzetten in je belangrijkste Europese wedstrijd, en je wil niet dat de club wordt neergezet als “daderclub” voordat er een oordeel is. Daarom ga je in beroep, daarom probeer je tijd te winnen of het besluit om te draaien.

Voor UEFA is de inzet breder: de bond wil laten zien dat racisme niet wordt weggeschoven. En UEFA wil ook voorkomen dat een speler die mogelijk over de grens is gegaan, zonder consequentie zijn grootste podium pakt terwijl het onderzoek nog loopt.

Allebei zijn dat logische belangen. Alleen botsen ze. En die botsing wordt nog feller als Real Madrid in de discussie wordt getrokken, omdat het debat dan snel verandert in kampen.

De uitkomst van het onderzoek gaat belangrijk zijn, maar het debat is nu al bepaald

Zelfs als UEFA later tot een duidelijke conclusie komt welke kant die ook op valt blijft één ding waarschijnlijk hangen: de discussie over het moment van straffen. Was die ene wedstrijd schorsing noodzakelijk als signaal? Of was het te vroeg en daarmee onrechtvaardig? Het antwoord op die vraag hangt vaak minder af van feiten en meer van iemands uitgangspunt.

En daar zit precies het probleem voor UEFA. In racismezaken kijkt iedereen mee, met hoge verwachtingen, weinig geduld en veel wantrouwen. Als je wacht, ben je slap. Als je ingrijpt, ben je voorbarig. Als je niets zegt, ben je ondoorzichtig. Als je te veel zegt, beïnvloed je het proces.

Prestianni is nu geschorst, Benfica is teleurgesteld, en Real Madrid staat ineens weer in een frame waar het nooit om vraagt maar wel vaak in belandt. Het onderzoek loopt door. De wedstrijd wordt gespeeld zonder hem. En dat is misschien wel de kern: in topvoetbal kunnen procedure en werkelijkheid niet netjes naast elkaar bestaan. Ze botsen. Altijd.

Grealish neemt het op voor Sterling

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers