Dolbergs status wankelt: hoe Denemarken ineens een nieuwe spits ruikt
Inhoudsopgave
In het voetbal kun je lang een “logische keuze” zijn, tot je even niet speelt. Dan gaat het snel. Kasper Dolberg merkt dat nu bij Denemarken. Hij is niet alleen Ajax-spits, hij is ook een naam die jarenlang vanzelf in de Deense spitsenpoule zat. Maar richting de WK-play-offs in maart klinken er ineens andere geluiden. Bondscoach Brian Riemer overweegt sterk om Kasper Høgh van Bodø/Glimt bij de selectie te halen, en dat kan zomaar ten koste gaan van Dolberg.
(Tekst gaat verder na de afbeelding)

Het is geen harde beslissing, nog niet. Riemer zegt niet: Dolberg is eruit. Hij zegt wél: deze nieuwe spits is zo goed dat we hem serieus moeten nemen. En in de context van twee “cruciale” interlands tegen Noord-Macedonië voelt dat als een heel duidelijke verschuiving. Zeker omdat Dolberg de afgelopen maanden weinig argumenten heeft kunnen leveren. Blessure, terugkeer, weer een tik. Het verhaal gaat niet over één spits die beter is dan de ander. Het gaat over status. En hoe snel die kan bewegen.
De WK-play-offs maken Denemarken ongeduldig
In een rustig interlandblok kun je als bondscoach experimenteren. In een blok dat naar play-offs ruikt, wordt de ruimte kleiner. Dan wil je spelers die ritme hebben, fit zijn, en op dat moment leveren. Dat is ook de reden dat Riemer zo open praat over Høgh. Hij heeft het over prestaties “tegen grote clubs als Manchester City, Atlético Madrid en Internazionale”, en noemt hem van “zo’n hoog niveau dat het serieus genomen moet worden.”
Dat soort zinnen zijn niet alleen complimenten. Het is ook een rechtvaardiging. Als je straks een nieuwe spits oproept die nog geen interland heeft gespeeld, wil je dat kunnen uitleggen. Dan is “bewijs op een groot podium” het makkelijkste verhaal. Zeker als je tegenover een gevestigde naam staat die net uit een blessure komt en niet in vorm is.
Dolbergs probleem is niet alleen vorm, maar vooral momentum
Dolbergs laatste interland was in september. Daarna raakte hij geblesseerd, en dat hield hem buiten de selectie. Dat is op zichzelf geen schande: blessures horen erbij. Maar het effect is wel dat hij uit het zicht verdween, precies op het moment dat Denemarken een nieuw tijdperk onder Riemer verder vormgeeft.
En dan komt de timing van zijn clubvorm erbij. In de Eredivisie maakte Dolberg volgens het bericht zijn laatste competitiedoelpunt op 17 januari tegen Go Ahead Eagles. Afgelopen weekend liep hij tegen NEC opnieuw een blessure op en dinsdag ontbrak hij op de open training van Ajax. Het zijn allemaal kleine stukjes die in dezelfde richting wijzen: het is lastig om jezelf terug in de discussie te spelen als je lichaam je telkens terugtrekt.
Dat is het verschil tussen “je plek verliezen” en “je plek moeten verdedigen”. Dolberg hoeft niet per se al voorbijgestreefd te zijn. Maar hij moet wel weer zichtbaar worden. Fit, ritmisch, met doelpunten of in elk geval met het gevoel dat hij er staat.
Høgh is het type uitdager waar bondscoaches gevoelig voor zijn
Er zijn uitdagers die vooral een leuk verhaal zijn. En er zijn uitdagers die precies op het juiste moment komen. Høgh hoort in de tweede categorie. Bodø/Glimt is dit seizoen een stuntploeg, en als je als spits daarin één van de gezichten bent, gaat dat mee in de perceptie. Zeker als je betrokken bent bij avonden tegen clubs waar heel Europa naar kijkt.
Riemer noemt het niet voor niets: City, Atlético, Inter. Dat is zijn bewijsvoering richting publiek én richting zijn eigen groep. Het zegt: je kunt in Noorwegen spelen en toch op het hoogste niveau meekomen. En het zegt óók: niemand heeft een garantie.
Daar zit voor Dolberg meteen de spanning. Een bondscoach die zo openlijk iemand “een goede kans” geeft, creëert automatisch concurrentie. Misschien is dat zelfs de bedoeling.
Wat dit voor Dolberg bij Ajax extra gevoelig maakt
De nationale ploeg is vaak een spiegel voor clubvorm. Niet altijd eerlijk, wel vaak voelbaar. Als Denemarken twijfelt, krijgt Ajax dat ook mee. Niet omdat Ajax zijn basiskeuzes laat afhangen van een Deense selectie, maar omdat het iets doet met het beeld rondom een speler. “Uit vorm” en “geblesseerd” zijn woorden die snel blijven plakken, zeker bij een spits.
Voor Dolberg komt daar nog iets bij: spitsen leven van ritme. Doelpunten zijn de snelste manier om twijfel weg te duwen. Als je een maand droog staat en daarna een blessure oploopt, zit je niet alleen fysiek achter, maar ook mentaal in een andere positie. Je komt terug met een opdracht. Niet met de vanzelfsprekendheid van eerder.
Dat maakt maart voor hem dubbel. Het is niet alleen de vraag of hij fit genoeg is voor Denemarken. Het is ook: kan hij in de weken daarvoor bij Ajax weer iets opbouwen dat Riemer niet kan negeren?
Een nieuwe spits betekent niet automatisch een afrekening
Het is verleidelijk om dit als een afrekening met Dolberg te lezen. Alsof Riemer hem zat is. Maar zo werkt het meestal niet. Nationale teams hebben lijstjes, profielen, scenario’s. Zeker richting play-offs wil je opties. Een extra spits oproepen is dan ook risicobeperking: je wil niet afhankelijk zijn van één speler die net uit een blessure komt.
Toch voelt het voor de speler zelf vaak anders. Omdat het in de praktijk wél om plekken gaat. Selecties zijn klein. En als er een nieuw gezicht bij komt, moet er bijna altijd iemand wijken of een andere rol accepteren.
Riemer zegt nog niet dat Dolberg eruit ligt. Maar hij zegt wel dat Høgh serieus wordt genomen. Dat is genoeg om de status van “vaste naam” om te zetten in “naam in discussie”.
De komende weken worden simpel: fit worden en weer leveren
Voor Dolberg is het pad eigenlijk heel duidelijk, hoe hard het ook klinkt. Eerst moet hij fit zijn. Daarna moet hij ritme maken. En vervolgens moet hij iets laten zien waardoor de bondscoach niet alleen over “hoog niveau” van een ander praat, maar óók weer over hem.
Dat hoeft niet in één wedstrijd. Het hoeft ook niet met een hattrick. Soms is één periode met overtuiging al genoeg om de toon te veranderen. Maar hij heeft die periode wel nodig. Want op dit moment is het momentum niet van hem.
En dat is precies waarom dit verhaal interessant is. Niet omdat Denemarken morgen zijn eerste spits slachtoffert. Maar omdat je ziet hoe snel het kan kantelen als er iemand opstaat en jij net even niet op het veld staat.



