Met Schouten weg grijpt Koeman al snel weer naar De Roon en Wijnaldum
Inhoudsopgave
De knieblessure van Jerdy Schouten sloeg niet alleen een gat in de defensie en het middenveld van PSV, maar meteen ook in de plannen van Ronald Koeman. Het Schouten-profiel is bij Oranje dun bezaaid en dus zie je bijna automatisch wat er nu gebeurt: zodra die plek openvalt, draaien de gedachten bij de bondscoach weer dezelfde kant op. Marten de Roon en Georginio Wijnaldum.
(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Schouten laat bij Oranje meer achter dan alleen een lege plek
Het probleem voor Koeman is niet alleen dat Schouten wegvalt, maar ook wat daarmee verdwijnt. Oranje verliest een middenvelder die zonder veel lawaai de boel op orde houdt. Daarom komt De Roon zo snel weer bovendrijven. Zijn profiel is helder, zijn ervaring ook. Hij kent het internationale ritme, hij kent de groepsdynamiek en hij kent het vak van slot op de deur zijn. Koeman hoeft hem niet uit te leggen wat een toernooi vraagt. Dat is zijn grote plus. Alleen hangt daar ook meteen een vraag naast. De Roon is niet de toekomst van Oranje. Hij is de veilige afslag als het schuurt.
Wijnaldum blijft rond Oranje hangen omdat Koeman hem nooit echt losliet
Bij Wijnaldum ligt het net anders. Daar speelt niet alleen ervaring mee, maar ook geschiedenis. Koeman heeft altijd een zwak voor hem gehouden. Zelfs toen de kritiek al stevig was. Zelfs toen zijn rol kleiner werd. Zelfs toen zijn invalbeurten op het EK van 2024 vooral onzichtbaar voelden.
Dat beeld is niet zomaar verdwenen. Wijnaldum kwam toen minuten maken, maar drukte nauwelijks zijn stempel. Dat was juist het pijnlijke: hij was aanwezig zonder echt aanwezig te zijn. Voor een speler die jarenlang zo belangrijk was voor Oranje, was dat een ongemakkelijke aanblik.
Toch blijft zijn naam terugkeren. Dat komt deels door zijn status, deels door zijn band met Koeman, maar ook doordat hij dit seizoen in Saudi-Arabië cijfers overlegt die op papier indruk maken. Goals, assists, ritme. Wijnaldum zelf heeft bovendien al gezegd dat hij fitter en scherper is dan twee jaar geleden en dat hij nooit voor Oranje zal bedanken. Dat is duidelijke taal. Maar cijfers alleen maken de vraag niet af. Het gaat niet alleen om productie in Saudi-Arabië, maar om de vraag of Oranje er op een WK echt beter van wordt.
De terugkeer van De Roon en Wijnaldum zegt vooral iets over Koeman
En daar zit de scherpste laag van dit verhaal. De namen De Roon en Wijnaldum vertellen niet alleen iets over hun eigen kansen, maar vooral iets over Koemans reflex. Zodra er een probleem ontstaat, kijkt hij snel terug naar spelers die hij vertrouwt. Dat is menselijk. Alleen wordt het richting een eindtoernooi ook een risico. Een bondscoach die steeds weer bij dezelfde generatie uitkomt, zegt in feite ook dat de vernieuwing nog niet sterk genoeg is of nog niet genoeg wordt vertrouwd. Dat kan waar zijn. Het kan ook een blinde vlek worden.
Die spanning zie je breder in Oranje. Over Stefan De Vrij en Nathan Aké is discussie. Over Memphis is onzekerheid. Op meerdere plekken speelt dezelfde vraag: hoeveel krediet krijgt een speler op basis van wat hij was, en hoeveel telt wat hij nu nog echt brengt? De Roon en Wijnaldum staan precies midden in die discussie.
Oranje heeft richting het WK behoefte aan duidelijkheid, niet aan nostalgie
Dat betekent niet dat beiden geen plek mogen hebben. De Roon kan nuttig zijn. Wijnaldum kan in theorie nog iets toevoegen, zeker als Koeman zoekt naar ervaring, kleedkamergewicht en spelers die grote toernooien hebben meegemaakt. Daar is best iets voor te zeggen. Maar Oranje schiet weinig op met selecties die vooral geruststellend voelen voor de bondscoach zelf. Een WK vraagt niet om sentiment. Het vraagt om helderheid en durf.



