Zo kan PSV al in maart kampioen worden: dit moet er in zes duels gebeuren

PSV heeft zichzelf in een rare luxe gemanoeuvreerd: de voorsprong is groot, de titel voelt dichtbij, maar het echte feestje begint pas als het ook wiskundig niet meer mis kan. Er is één scenario dat steeds terugkomt in gesprekken en berekeningen: kampioen op 22 maart, uit bij Telstar. 

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Paul Wanner, Sergino Dest en Jerdy Schouten van PSV
Paul Wanner, Sergino Dest en Jerdy Schouten van PSV

FC Volendam-uit en sc Heerenveen-thuis: de wedstrijd die ‘gewoon’ moet

Het begint op vrijdag bij FC Volendam in het Kras Stadion. PSV jaagt daar op een volgende uitzege, en ook op iets anders: het gevoel dat er geen ruis op zit. Dit zijn de avonden waarop kampioenen vaak herkenbaar zijn. Niet omdat het mooi is, maar omdat het zakelijk blijft.

Daarna komt sc Heerenveen naar Eindhoven. Thuiswedstrijden zijn op papier veiliger, maar juist in zo’n periode kan het verraderlijk zijn. Iedereen verwacht drie punten, en precies daardoor krijgt een vroege achterstand extra gewicht. En ja: PSV kan zich in de stand nog iets permitteren. In dit maart-scenario eigenlijk niet.

Heracles-uit en PSV–AZ: het blok waarin de druk ineens echt wordt

Na Heerenveen volgt Heracles Almelo-uit. Een reis waar je vooral je aandacht bij elkaar moet houden. Als PSV daar wint, schuift de focus automatisch door naar PSV–AZ, begin maart in het Philips Stadion. Dat duel voelt als het startschot van de “nu kan het echt gebeuren”-fase.

AZ is bovendien een club die het PSV in één wedstrijd lastig kan maken, zeker als PSV even te open staat. Het is ook een test voor de intensiteit waar Peter Bosz steeds over praat. Hij zei onlangs na FC Groningen–PSV dat hij vooral wil blijven winnen en dat een record bijzaak is. “Een heel jaar uit alles winnen, dat zou heel bijzonder zijn,” klonk het bij hem. Die zinnen passen bij deze weken: geen theater, wel scherpte.

NEC twee keer in maart: beker in Nijmegen en competitie in Eindhoven

De meest opvallende horde in deze reeks is NEC. PSV speelt begin maart in Nijmegen de halve finale van de beker en anderhalve week later komt NEC naar Eindhoven voor een competitieduel dat ineens dubbel telt in de beleving.

De bekerwedstrijd verandert de stand niet, maar kan wel invloed hebben op het ritme. Het is een extra piekmoment, met een andere spanning, en dat kan doorwerken richting de competitie. Het ligt eraan hoe Bosz zijn elftal belast, wie hij spaart, en hoe fit de selectie is in die periode. Dat zijn geen zekerheden, dus dat blijft een open plek in het verhaal.

Het competitieduel tegen NEC is wél een kantelpunt. Als PSV dat wint, blijft de zes-duels-route naar 22 maart intact. Verliest PSV daar punten, dan wordt het kampioensfeest waarschijnlijk later, en verdwijnt die “maart-droom” langzaam uit beeld.

Telstar-uit op 22 maart: waarom PSV óók hulp nodig heeft

Zelf zes keer winnen is één deel. Het andere deel is dat de achtervolgers ergens moeten knipperen. En dat kan op meerdere manieren.

NEC staat er in deze fase het beste voor als achtervolger, Feyenoord zit daar ook bij, Ajax volgt op grotere afstand. Wie er op 22 maart precies tweede staat, kan nog verschuiven. En precies daarom is het lastig om het in één vaste rekensom te gieten. Wat wél vaststaat: PSV heeft puntenverlies van concurrenten nodig om op 22 maart al “klaar” te zijn. Eén slippertje van PSV zelf maakt het al ingewikkelder, maar ook als PSV foutloos blijft, kan het nog zo zijn dat de rest te weinig laat liggen en het moment doorschuift.

Een tweede nuance: PSV speelt op 21 maart pas weer na een gat, afhankelijk van het programma. Dat geeft tijd om te herstellen, maar ook tijd voor de buitenwereld om de datum groter te maken dan nodig is. Je voelt het nu al: supporters tellen vooruit, media maken schema’s, iedereen wil weten “wanneer”. Spelers leven meestal van wedstrijd naar wedstrijd. Maar het geluid dringt door.

Het record van 1978 en de valkuil van een te ruime voorsprong

De vroegste titel ooit in Nederland ligt op 8 april 1978, ook van PSV. Een record dat nu opnieuw op tafel ligt, al zal niemand in Eindhoven hardop zeggen dat dat het doel is. Harry Lubse, onderdeel van dat PSV uit 1978, zei erover dat ze destijds “in een roes” zaten en vooral met winnen bezig waren. Hij gaf ook toe dat het ergens jammer zou zijn als het record sneuvelt, maar dat het belangrijkste blijft dat PSV kampioen wordt. Dat is een eerlijke, menselijke blik: records zijn leuk, titels blijven.

De valkuil? Bosz verwoordde het eerder al: vermoeidheid zit vaak niet in je lichaam, maar in je hoofd. In deze fase komt dat terug. Je kunt een voorsprong hebben en toch even verslappen, gewoon omdat het menselijk is. Als PSV het maart-scenario wil laten leven, moet het dus vooral één ding blijven: een ploeg die geen zin heeft in gedoe. Geen rare avonden, geen paniekmomenten. Gewoon zes keer winnen en dan kijken wat er achter je gebeurt in de Eredivisie.

Salarissen scheidsrechters
Duurste Nederlandse voetballers