Voor PSV gaat het nu niet meer om de titel, maar om wat erna komt

De schaal is binnen, het feest is gevierd en de huldiging is achter de rug. Op papier begint dan vaak de fase waarin een kampioen het seizoen netjes uitwandelt. Een paar wedstrijden, wat applaus, hier en daar een vrije dag extra en vooral uitkijken naar de zomer. Alleen lijkt PSV daar dit jaar niet echt in mee te willen gaan. In Eindhoven voelt de slotfase niet als afbouwen, maar eerder als doorschakelen naar een nieuw hoofdstuk dat al voorzichtig begonnen is.

(Tekst gaat verder na de afbeelding)

Voor PSV gaat het nu niet meer om de titel, maar om wat erna komt

Dat heeft natuurlijk te maken met Peter Bosz. Die liet na Sparta alweer merken dat hij geen zin heeft in een ploeg die na de titel in een soort vakantieritme zakt. Maar uit het verhaal van Rik Elfrink in het Eindhovens Dagblad blijkt dat er bij PSV ook inhoudelijk nog genoeg speelt. Ritme behouden, geblesseerden terugbrengen, jeugd inpassen, spelers richting het WK scherp houden en tegelijk voorkomen dat het seizoen in een slappe slotfase uitdooft. De titel is dus wel binnen, maar er is allerminst niets meer te doen.

Misschien begint daar juist de interessantste fase van een kampioen.

Bij PSV draait de slotfase om ritme, niet om uitbollen

Bosz maakte duidelijk dat zijn ploeg voorlopig niet ineens allerlei extra vrije dagen krijgt. Dat zegt iets. De trainer zag dat zijn spelers in de feestweek al genoeg ruimte hadden gehad en wil nu vooral weer werken. Dat past bij hoe hij naar deze periode lijkt te kijken: niet als een naspel, maar als een deel van het seizoen dat nog altijd serieus benaderd moet worden.

Dat heeft een praktische reden. Een ploeg die wekenlang wint en in een bepaald tempo leeft, wil dat ritme niet zomaar verliezen. Zeker niet als er nog spelers zijn die iets willen laten zien of ergens naartoe werken. Dan is het logisch dat PSV niet volledig in slaapstand schiet. Sterker nog, het zou voor Bosz waarschijnlijk juist ongemakkelijk voelen als de cadans ineens helemaal wegvalt.

Je zag dat tegen Sparta al een beetje terug. PSV oogde niet als een ploeg die nog aan het nagenieten was, maar als een team dat de draad weer had opgepakt. Misschien iets losser, maar niet vrijblijvend. En daar zit een gedachte achter: een kampioen die zijn ritme laat versloffen, raakt vaak meer kwijt dan alleen een paar procent scherpte.

Het WK en de zomer maken de laatste PSV-weken zwaarder dan ze lijken

De stand zegt dat PSV al klaar is. De realiteit in een selectie zegt iets anders. Voor nogal wat spelers loopt er richting de zomer nog van alles door elkaar. Sommigen hopen op een WK-ticket, anderen willen fit blijven, weer anderen willen juist nog minuten maken na blessureleed. Dan krijgen resterende competitieduels vanzelf een andere functie.

Volgens Elfrink lijken meerdere PSV’ers straks naar het mondiale eindtoernooi te gaan. Namen als Kovar, Dest, Pepi, Perisic, Bajraktarevic, Saibari, Salah-Eddine, Wanner en Obispo worden genoemd als spelers die weinig reden hebben om nerveus te zijn. Guus Til zou zich nog in dat rijtje kunnen spelen. Joey Veerman is een apart verhaal, al wilde Bosz zich zaterdag duidelijk niet meer branden aan die discussie met Oranje.

Dat alles maakt van de slotfase een periode waarin de belangen uiteenlopen, maar wel tegelijk door elkaar bewegen. Een speler die al zeker is van zijn toernooi wil ritme houden. Een speler die twijfelt over selectie wil overtuigen. Een speler die terugkomt van blessure wil nog een paar minuten pakken. Een trainer moet dat allemaal managen zonder het collectief uit elkaar te laten vallen.

Dat is ingewikkelder dan het lijkt.

Blessures geven de laatste wedstrijden van PSV extra betekenis

Juist daarom zijn de updates rond de geblesseerden interessant. Joey Veerman zou naar verwachting snel terug kunnen keren. Sergiño Dest kan volgens Bosz dit seizoen misschien ook nog een rol spelen. Alassane Pléa zou mogelijk in de laatste wedstrijd tegen FC Twente wat minuten kunnen maken. Armando Obispo zou eveneens nog in actie kunnen komen. Ruben van Bommel mikt op juli en Jerdy Schouten pas op begin 2027.

Dat lijstje laat goed zien waarom deze weken meer zijn dan een uitloopstrook na de titel. Voor sommige spelers is dit de periode waarin ze hun seizoen nog een klein beetje kunnen redden of in elk geval weer een begin kunnen maken. Niet met een grote comeback, maar met ritme, vertrouwen en een signaal richting de voorbereiding.

En dat zijn geen kleine dingen. Zeker niet in een topclub.

Want wie in mei of eind april nog een paar degelijke minuten maakt, stapt anders de zomer in dan iemand die helemaal uit beeld verdwijnt. Voor een trainer geeft dat bovendien weer informatie. Wie staat er fysiek waar? Wie kun je meenemen richting volgend seizoen? Wie heeft nog een stap te zetten? Ook dat is onderdeel van deze fase.

PSV kijkt na de titel ook alvast naar de volgende lichting

Een ander element dat deze slotfase interessanter maakt, is de ruimte voor jeugd. Noah Fernandez, Joël van den Berg en Fabian Merién kregen tegen Sparta al speeltijd. Eerder dit seizoen lieten ook andere jongens bij Jong PSV of in invalbeurten iets zien. Namen als Amir Bouhamdi, Jim Koller en Madi Monamay passeren inmiddels ook vaker rond de club.

Dat Bosz niet met jeugd zou werken, is volgens Elfrink sowieso een te makkelijke voorstelling. Hij wil dat wel degelijk, alleen moeten talenten volgens hem op Champions League-niveau kunnen aansluiten. Dat legt de lat hoog, maar het verklaart ook waarom hij in deze laatste weken misschien nét iets makkelijker ruimte kan maken voor jonge spelers zonder het gevoel te hebben dat hij de norm verlaagt.

Daar zit voor PSV ook winst op langere termijn. Want een kampioen die zijn laatste weken alleen gebruikt om de kalender vol te maken, laat iets liggen. Een kampioen die intussen al voelt welke talenten dichter tegen het eerste aan schuiven, haalt meer uit diezelfde periode.

Dat lijkt nu ook een beetje de inzet.

Waarom PSV na de titel vooral bezig is met het seizoen erna

Misschien is dat uiteindelijk de kern van dit verhaal. De titel is de bekroning van dit seizoen, maar binnen de club lijkt de blik al veel verder te liggen. Naar de zomer, naar fitheid, naar selectiekeuzes, naar jeugd, naar het WK en naar de vraag hoe je een sterk seizoen netjes doortrekt richting het volgende.

Dat verklaart ook waarom er in Eindhoven geen behoefte lijkt aan een ploeg die de laatste weken alleen nog ceremonieel afwerkt. PSV speelt nog voor sportieve eer, voor ritme en volgens Elfrink ook om gezeur over competitievervalsing voor te zijn. Bovendien lonkt er nog een bijzonder record als de voorsprong op Feyenoord verder wordt uitgebouwd. Dat zijn verschillende motieven, maar samen zorgen ze ervoor dat de slotfase vol blijft.

En misschien past dat eigenlijk perfect bij deze ploeg. Bosz heeft een elftal gebouwd dat veel won door duidelijkheid, herhaling en een hoge ondergrens. Dan is het logisch dat juist de weken na de titel worden gebruikt om die lijn niet te breken, maar juist iets nieuws op te starten.

Voor buitenstaanders lijkt het misschien alsof PSV klaar is. In Eindhoven oogt het eerder alsof men al met één been in de volgende fase staat.

De strijd om plek 2 is nog gaande

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers