Acht jaar na lunch bij AZ zitten Smit en Koopmeiners samen bij Oranje

Kees Smit was een jaar of twaalf toen hij bij AZ als talent van de maand een speler van het eerste mocht uitkiezen voor een lunch. Hij koos Teun Koopmeiners. Acht jaar later zitten ze samen in Zeist bij Oranje. Een verhaal over de stormachtige ontwikkelingen van de voormalig- en huidig AZ-middenvelder.

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Kees Smit en Teun Koopmeiners op de fiets voor Oranje
Kees Smit en Teun Koopmeiners op de fiets voor Oranje

Van AZ-lunch naar Oranje-tafel in Zeist

Koopmeiners vertelde in het trainingskamp dat Smit zelf begon over hun eerste ontmoeting. Dat maakt het detail sterker. Een jongen uit de opleiding van AZ die vragen had voorbereid voor een speler van het eerste. Nu delen ze volgens Koopmeiners bij Oranje een tafel met ook Jerdy Schouten, Mark Flekken en Justin Bijlow.

Dat is precies het soort klein verhaal waar topvoetbal soms ineens menselijk van wordt. Je ziet dan niet alleen de selectie, de status en de namen, maar ook de tijd die ertussen zit. Of beter: hoe snel die tijd soms verdwijnt. Bij AZ is dat vaker zo. Een talent zit nog in de jeugd, speelt een jaar later in Jong AZ, en voor je het goed en wel doorhebt staat hij in de Eredivisie. Alleen eindigt het meestal niet meteen in Zeist. Daarom blijft dit hangen.

Kees Smit voelt zelf ook dat hij pas net komt kijken bij Oranje

Dat Smit nog aan het begin staat, hoor je ook in hoe hij zelf praat. Hij noemde zijn eerste dagen bij Oranje een “luxe stage” en zei dat het gek voelt om ineens met een speler als Virgil van Dijk in de kleedkamer te zitten. Ook in andere interviews hield hij die toon. Veel zin, veel nieuwsgierigheid, maar ook het besef dat hij nog niet binnen is. Hij wil laten zien dat hij het niveau aankan en dat het niet bij één oproep hoeft te blijven.

Die houding past eigenlijk goed bij dit moment. Smit is nog geen vaste Oranje-speler en moet dat ook nog niet willen spelen. Hij heeft pas 41 Eredivisie-wedstrijden achter zijn naam en zit in de fase waarin alles tegelijk groter wordt: de aandacht, de verwachtingen, de transfergeruchten en nu dus ook het Nederlands elftal.

Juist daarom zeggen de reacties op Kees Smit ook iets over voetbalnu

Op social media werd de aankomst van Smit bij Oranje al snel anders gelezen. Beelden van zijn kennismaking met staf en spelers leverden reacties op waarin hij werd neergezet als een jongen die “een prijsvraag had gewonnen” of “met de grote jongens mocht meeknikkeren”. Dat soort reacties zijn flauw, maar ook voorspelbaar. Zeker bij jonge spelers werkt zichtbare bewondering online vaak tegen hen.

Toch zit daar iets geks in. Want wat zagen mensen eigenlijk? Geen speler die zich groter maakte dan hij is, geen jongen die zichzelf als vaste international presenteerde. Eerder iemand die openlijk liet merken dat hij deze stap bijzonder vindt. Dat voelt in het voetbal van nu bijna ongewoon, terwijl het eigenlijk heel normaal is.

Misschien schuurt dat juist. Een groot talent hoort volgens veel mensen tegelijk zelfverzekerd én bescheiden te zijn, ontspannen maar niet te ontspannen, ambitieus maar zonder te veel zichtbaar ontzag. Dat is nogal wat. Smit kiest voorlopig voor eerlijkheid. Dat oogt soms wat onwennig. Het is ook gewoon menselijk.

Teun Koopmeiners staat nu aan de andere kant van die lijn

Het verhaal zegt ondertussen ook iets over Koopmeiners. Hij is nog geen oude rot, maar wel iemand die inmiddels in een heel andere fase zit. Zes jaar op rij geselecteerd onder verschillende bondscoaches, meerdere eindtoernooien meegemaakt, een rol op verschillende posities vervuld. Dan ben je voor een jongen als Smit automatisch niet meer alleen een goede speler, maar ook een voorbeeld van hoe snel het kan gaan.

En precies daarin zit de charme van dit verhaal. Het gaat niet alleen om de nieuwe generatie die binnenkomt, maar ook om de speler die ineens merkt dat hij zelf onderdeel van de gevestigde groep is geworden. Acht jaar geleden was Koopmeiners nog de jongen van het eerste elftal bij AZ. Nu is hij voor Smit een herinnering uit de jeugd én een ploeggenoot bij Oranje.

Oranje laat hier vooral zien hoe dun de afstand naar boven soms is

Smit is nog niet waar Koopmeiners nu is. Dat hoeft ook niet. Maar hun weerzien maakt wel duidelijk hoe dun die lijn soms is tussen jeugd en topniveau. Eén middag op de club, een foto, een paar voorbereide vragen. Jaren later sta je op hetzelfde trainingsveld, met dezelfde bondscoach om je heen en hetzelfde doel in je hoofd.

Dat is het mooie eraan. En ook het eerlijke. Want dit verhaal werkt niet omdat het sprookjesachtig is, maar omdat het zo herkenbaar voelt binnen een club als AZ en binnen een land als Nederland, waar talent sneller door kan schuiven dan in veel grotere competities. Wat Smit de komende maanden en jaren bij Oranje gaat betekenen, weet nu nog niemand. Misschien blijft het voorlopig bij deze oproep. Misschien wordt het snel meer. Dat hoeft nu ook niet beslist te worden. Voor dit moment is het beeld al sterk genoeg: acht jaar na een lunch bij AZ zitten Kees Smit en Teun Koopmeiners samen bij Oranje.

Waarom de motivatie van Oranjespelers bij vriendschappelijke duels ter discussie staat

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers