In Parijs werd pijnlijk zichtbaar hoeveel Liverpool en Slot hebben ingeleverd

De 2-0 nederlaag tegen Paris Saint-Germain voelde niet als een incident, maar als een pijnlijke bevestiging. Liverpool verloor niet alleen van een betere ploeg, maar vooral van een elftal dat wist wat het deed. Juist daarin zat het verschil. PSG speelde vanuit vanzelfsprekendheid, Liverpool vanuit twijfel. En Arne Slot? Die koos voor een plan dat vooral verraadt hoe ver zijn ploeg inmiddels is afgeraakt van de versie die vorig seizoen nog kampioen van Engeland werd.

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Arne Slot en Liverpool gingen met 2-0 ten onder tegen PSG
Arne Slot en Liverpool gingen met 2-0 ten onder tegen PSG

Dat is hard, maar moeilijk te ontkennen als je de lijnen naast elkaar legt. Vorig seizoen pakte Liverpool 84 punten in de Premier League, scoorde het 86 keer en kreeg het 41 goals tegen. Dit seizoen staat de teller na 31 duels op 49 punten, 50 goals voor en 42 tegen. Dat zijn geen kleine scheurtjes meer. Dat is een ploeg die op bijna alle grote lijnen minder overtuigt: minder punten, minder goals, minder overwicht, minder grip. En in Parijs kwam dat allemaal samen.

Tegen PSG liet Liverpool zijn eigen spel los

Slot gooide zijn vertrouwde structuur overboord en begon met vijf verdedigers. Dat was geen detail, maar een principiële keuze. Liverpool probeerde de schade te beperken, wilde controle vinden via extra mensen achterin en hoopte zo de beweeglijkheid van PSG op te vangen. Alleen bleek dat plan in de praktijk een vlucht vooruit.

PSG had nog altijd alle ruimte om zijn automatismen uit te spelen. Achraf Hakimi en Nuno Mendes bleven doorkomen, Ousmane Dembélé bleef zwerven, Vitinha bleef de opbouw sturen en Khvicha Kvaratskhelia vond steeds weer vrije zones. Liverpool stond daar tegenover als een ploeg die vooral bezig was met reageren. Dat is al problematisch tegen een topploeg. Nog pijnlijker werd het doordat Liverpool aan de bal bijna niets meer was.

Voor rust noteerde de ploeg geen enkel schot. Geen enkel. Dat zegt genoeg. Je kunt een trainer veel vergeven als hij vanuit nood iets aanpast, maar dan moet daar ten minste een vorm van stabiliteit of dreiging voor terugkomen. Hier gebeurde het tegenovergestelde. Liverpool leverde zijn eigen spel in en kreeg daar nauwelijks bescherming voor terug.

De tik van Manchester City hing nog in alles

Die keuze van Slot kwam ook niet uit het niets. De 0-4 tegen Manchester City hing nog zichtbaar in de lucht. Tegen City werd Liverpool op meerdere momenten opengetrokken, vooral wanneer backs doorstapten en de restverdediging niet op orde was. PSG bezit precies dat soort wapens, alleen nog sneller en vloeiender.

Dat verklaart waarom Slot naar een andere vorm greep. Het verklaart alleen niet waarom Liverpool zo weinig overhield van zijn eigen identiteit. En daar begint de kritiek. Een toptrainer mag aanpassen. Moet soms zelfs. Maar als die aanpassing je elftal verder van zichzelf af duwt, dan wordt het geen slimme ingreep meer, maar een teken dat de vaste bodem weg is.

Dat gevoel was in Parijs heel sterk. Liverpool oogde niet als een ploeg die tijdelijk van vorm wisselde. Het oogde als een ploeg die zijn vertrouwde houvast niet meer vertrouwde.

Arne Slot verliest meer dan een wedstrijd

Daarmee komt vanzelf ook Slot zelf in beeld. Niet in de goedkope zin van: moet zijn positie nu ter discussie staan? Dat is te simpel. Wel in de zin dat deze fase meer zegt dan alleen een verloren kwartfinale. Slot is dit seizoen niet meer de trainer van een elftal dat automatisch iets herkenbaars oproept. Zijn Liverpool is minder vast, minder dwingend en minder voorspelbaar in de goede betekenis van het woord.

Vorig seizoen had die ploeg nog een duidelijke bovenlaag. Intensiteit, patronen, goals, controle. Ook als het niet perfect was, zag je een idee. Nu zie je veel vaker schokken. Een zwakke reeks. Een flinke tik. Een tactische omzetting. Een nieuwe zoektocht. En weer een avond waarop de ploeg niet herkenbaar is.

Dat maakt ook het verhaal rond zijn staf interessanter. Marino Pusic vertelde deze week dat Slot hem vorig jaar wilde meenemen naar Liverpool, maar dat hij bij Shakhtar bleef omdat dat niet goed voelde. Eerder kwamen uit Engeland signalen dat Slot ook Johnny Heitinga graag terug had willen halen, maar daar geen groen licht voor kreeg. Los van de vraag hoe hard dat laatste verhaal precies is, zegt het wel iets over een trainer die zoekt naar mensen om zich heen die zijn werk en manier van denken kennen.

Het verschil met de kampioen van vorig seizoen is te groot geworden

De cijfers maken het verhaal nog harder. Liverpool pakte vorig seizoen 2,21 punt per wedstrijd in de Premier League. Dit seizoen is dat 1,58. Het maakte vorig jaar 2,26 goals per duel, nu 1,61. Het doelsaldo kelderde van +45 naar +8. Dat is geen dipje. Dat is een forse terugval.

Natuurlijk verandert een selectie. Natuurlijk speelt context mee. Natuurlijk is één seizoen nooit een rechte lijn. Maar op dit niveau wordt juist gekeken naar herkenbaarheid onder druk. Wat blijft overeind als het zwaar wordt? Wat is je reflex als je wordt aangevallen? Wat is je plan als je eigen vorm wegvalt?

In Parijs gaf Liverpool op die vragen weinig geruststellende antwoorden.

PSG, dat moet ook gezegd worden, is een uitstekende ploeg. Luis Enrique heeft daar iets ingeslepen wat je meteen terugziet: positiewisselingen, timing, onderlinge afstanden, ritme aan de bal. Dat niveau haal je niet zomaar even weg met een ander systeem. Alleen maakt dat de avond voor Liverpool niet minder zorgelijk. Integendeel. Het liet juist zien hoe groot de afstand inmiddels is tussen een ploeg die op automatismen leeft en een ploeg die in een kwartfinale van de Champions League naar noodverbanden grijpt.

De return op Anfield is nu meer dan alleen een sportieve opdracht

Natuurlijk kan voetbal rare dingen doen. Een vroege goal op Anfield, een kolkend stadion, een wedstrijd die kantelt. Dat blijft allemaal waar. Maar zelfs als Liverpool de return nog openbreekt, blijft de vraag van deze week overeind. Waar staat deze ploeg eigenlijk in haar ontwikkeling? Wat is er nog over van het elftal dat vorig seizoen de Premier League won? En hoeveel grip heeft Slot nog op het herstel van die herkenbaarheid?

Dat zijn de vragen die na Parijs blijven hangen. Want deze nederlaag ging niet alleen over een slechte avond in Frankrijk. Ze ging over een ploeg die steeds minder op haar beste zelf lijkt. En over een trainer die in zijn zoektocht naar een oplossing vooral liet zien hoeveel er onder zijn handen is weggegleden. Dat is misschien nog wel het pijnlijkste van alles. PSG was beter, ja. Maar in Parijs werd vooral zichtbaar dat Liverpool en Slot inmiddels veel hebben ingeleverd. Te veel om het nog weg te schrijven als een tijdelijke hapering.

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers