Leven in de schaduw van een legende: wat het betekent om Cruijff te zijn
Inhoudsopgave
De naam Cruijff is in het voetbal nooit zomaar een naam geweest. Het is een begrip, een overtuiging bijna. Wie Cruijff zegt, zegt Ajax, zegt visie, zegt een manier van kijken naar het spel. Voor Jordi Cruijff is dat geen abstract verhaal. Het is zijn leven. En dat maakt zijn recente woorden over vader Johan meer dan een persoonlijke terugblik. Ze raken aan een vraag die in het voetbal zelden hardop wordt gesteld: hoe leef je verder wanneer jouw achternaam al een geschiedenisboek is?
(Tekst gaat verder na de afbeelding)

Een achternaam die altijd binnenkomt
Jordi Cruijff heeft inmiddels een loopbaan achter de rug die op zichzelf staat. Hij was speler, werkte als bestuurder en staat nu opnieuw in een rol waarin keuzes worden gewogen en beslissingen worden uitgelegd. Toch blijft één ding constant: zijn naam komt altijd eerder binnen dan hijzelf.
Dat is geen klacht, zo lijkt het. Eerder een constatering. De naam opent deuren, maar zet ze net zo goed op een kier. Elke stap wordt onvermijdelijk vergeleken met wat ooit was. Niet met een vorige technisch directeur, maar met een idee. Met Johan.
Tussen trots en afstand
In zijn reflecties klinkt trots door. Logisch ook. Tegelijkertijd wijst alles erop dat Jordi zich al jaren bewust is van de noodzaak tot afstand. Niet uit afwijzing, maar uit zelfbehoud. Want wie voortdurend langs de meetlat van een legende wordt gelegd, dreigt zijn eigen maat te verliezen.
Binnen Ajax is dat extra voelbaar. De club ademt Cruijffiaans denken, zonder dat dat altijd scherp is gedefinieerd. Wat voor de één staat voor aanvallend voetbal, betekent voor de ander jeugdopleiding, of juist een cultuur van tegenspraak. Jordi opereert in dat spanningsveld. Hij kent de oorsprong, maar moet werken in het nu.
De vader die blijft meekijken
Wat opvalt in zijn woorden, is hoe persoonlijk het blijft. Niet groot, niet zwaar aangezet. Meer terloops. Alsof Johan niet zozeer een monument is, maar een stem die af en toe meekijkt. Dat is misschien wel het meest menselijke aspect van het verhaal.
Veel bestuurders spreken over visie en beleid. Jordi spreekt soms over herinnering. Dat maakt zijn positie anders. Hij hoeft het verleden niet te bestuderen; hij heeft het meegemaakt. Maar juist dat kan ook verwarrend zijn. Want herinneringen zijn geen handleiding. Ze bieden richting, geen definitieve antwoorden.
Ajax als spiegel
Bij Ajax wordt elke beslissing gelezen als een signaal. Zeker wanneer er Cruijff boven staat. Toch lijkt het erop dat Jordi bewust probeert te voorkomen dat hij symbool wordt. Hij praat zelden in grote lijnen en vermijdt stellige claims. Dat wordt door sommigen gezien als voorzichtigheid, door anderen als onduidelijk.
Misschien is het beide. Misschien is het ook een vorm van besef: dat de club groter is dan één persoon, zelfs groter dan één naam. En dat juist Ajax, met al zijn historie, niet gebaat is bij het naspelen van vroeger.
De last van vergelijking
Vergelijkingen zijn onvermijdelijk. Maar ze zijn zelden eerlijk. Johan Cruijff functioneerde in een andere tijd, met andere middelen en andere tegenkrachten. Jordi beweegt zich in een voetbalwereld waarin structuren zwaarder wegen, processen trager zijn en publieke opinie continu aanwezig is.
Dat maakt het moeilijk om te zeggen wat “in de geest van Cruijff” is. Soms lijkt dat vooral een gevoel. En gevoelens laten zich lastig vertalen naar beleid.
Geen afrondend antwoord
Het verhaal van Jordi Cruijff is geen afgerond portret. Het is een doorlopend proces. Een zoektocht naar balans tussen afkomst en autonomie, tussen respect en eigenheid. Zijn woorden laten zien dat die zoektocht nog gaande is.
Misschien is dat ook precies wat het interessant maakt. Niet de vraag of hij zijn vader evenaart, maar hoe hij leert leven met het feit dat die vergelijking nooit zal verdwijnen. En hoe hij daarbinnen toch probeert iets eigens te doen.
Lees ook: wat Kroes achterlaat: een gezonder Ajax, met dezelfde sportieve pijn



