Onder druk kiest Van Persie steeds nadrukkelijker zijn eigen koers

Na het 3-3-gelijkspel van Feyenoord tegen NAC Breda ging het vooral over de manier waarop Robin van Persie zijn verhaal bleef verdedigen. In een perszaal waar de toon kritisch was en de vragen weinig ruimte lieten voor nuance, koos de trainer opnieuw voor zijn eigen lezing van de avond. 

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Robin van Persie tijdens het persmoment
Robin van Persie tijdens het persmoment

Na NAC Breda - Feyenoord viel op hoe Van Persie het persmoment benaderde

Bij de eerste vraag van Dennis Kranenburg zette Van Persie al de toon. Toen meerdere verwijten en observaties in één vraag werden verpakt, haalde hij het gesprek eerst terug naar de vorm. “Zullen wij bij het begin beginnen? Het zijn weer een heleboel vragen in één, of statements”, zei hij. Dat was geen losse prik. Het paste bij een trainer die eerst wil bepalen vanuit welk vertrekpunt een gesprek gevoerd wordt.

Dat zie je vaker bij hem. Van Persie stapt in zulke persmomenten niet automatisch mee in het frame van de vraagsteller. Hij probeert de volgorde te veranderen, de nadruk te verleggen, soms ook de lading te verkleinen. Dat maakt zijn antwoorden scherper van toon, maar ook interessanter om te lezen. Hij antwoordt niet alleen op kritiek, hij onderhandelt eerst over wat precies de kritiek is.

Zo’n houding kan sterk overkomen. Zelfverzekerd ook. In een rustige fase levert dat vaak weinig gedoe op. In een periode waarin Feyenoord worstelt en het geduld om de ploeg heen sneller opraakt, klinkt het al gauw anders.

Bij Feyenoord verdedigt Van Persie vaak meer dan alleen zijn spelers

Van Persie erkende na NAC Breda dat Feyenoord slecht verdedigde bij de tegentreffers. “Bij de andere twee goals hebben we gewoon slecht verdedigd”, zei hij. Daar zat weinig mist omheen. Toch bleef hij in het grotere verhaal zoeken naar de dingen die volgens hem overeind waren gebleven: strijd, duels, kansen, drie gemaakte goals.

Toen Kranenburg wees op het feit dat NAC in degradatienood zit en tot zondag de minst scorende ploeg van de Eredivisie was, reageerde Van Persie met: “Dus ik weet niet precies waar je op doelt?” Even later volgde: “Wij waren toch ook fanatiek, of heb je naar een andere wedstrijd gekeken?” Dat zijn antwoorden waarin hij niet alleen zijn ploeg beschermt. Hij verdedigt ook zijn eigen manier van kijken.

Dat lijkt een belangrijk punt. Van Persie wil niet alleen uitleggen wat er gebeurde, maar ook hoe er volgens hem naar zo’n wedstrijd gekeken moet worden. Die neiging werd nog duidelijker in zijn woorden richting Mikos Gouka. “Je moet de hele context geven, Mikos”, zei hij. Daarna kwam: “Ik wil het wel nog een keer voor jou uitleggen.” Daar spreekt een trainer die zijn analyse niet wil laten reduceren tot het scorebord en de sfeer op de tribune.

Eerdere interviews na Feyenoord - Real Betis en in december wijzen dezelfde kant op

Wie alleen naar NAC Breda kijkt, kan het nog zien als irritatie van één avond. Alleen zijn er meer voorbeelden. Op 29 januari, na de uitschakeling in Europa en de 2-1 nederlaag tegen Real Betis, schoof Van Persie ook niet op naar de teneur van buitenaf. “Ik mag toch blij zijn met mijn team?”, zei hij toen, nadat hij de energie en spirit van zijn ploeg had benoemd. Ook daar hield hij vast aan wat hij intern blijkbaar zwaarder vond wegen dan de uitkomst alleen.

Eind december gebeurde iets soortgelijks. In een persmoment na een zwakke reeks legde een journalist hem het aantal nederlagen voor. Van Persie kaatste terug: “Dat weet jij, vertel het maar. Daar geniet je van hè, of niet?” Die zin zegt veel, juist omdat hij zo ongepolijst is. Hij laat zien dat Van Persie in gespannen weken vragen niet alleen hoort als informatieverzoek, maar soms ook als aanval of als uitnodiging om een negatief verhaal te bevestigen.

Dat hoeft niet per se verkeerd te zijn. Sommige trainers bouwen juist gezag op door niet mee te deinen op de stemming van buiten. Alleen: hoe vaker deze momenten terugkomen, hoe duidelijker het patroon wordt. Van Persie communiceert onder druk niet voorzichtiger, maar stelliger. Hij zoekt het gesprek niet glad. Hij schuurt eerder langs de rand ervan.

In de Eredivisie en Europa zoekt Van Persie houvast in strijd en context

Opvallend is ook wáár hij steeds naar teruggrijpt. Zowel na NAC Breda als na Real Betis gebruikte Van Persie woorden als strijd, energie, spirit en duels. Tegen NAC zei hij: “Ik heb een team gezien dat voor elkaar heeft gestreden, duels heeft gespeeld en drie heel mooie doelpunten heeft gemaakt.” Na Betis benadrukte hij dat de ploeg “tot de laatste minuut alles” had gegeven.

Dat wijst in de richting van een trainer die wedstrijden in moeilijke fases beoordeelt vanuit gedrag en intentie. Niet alleen vanuit de uitkomst. Dat perspectief is intern vaak begrijpelijk. Trainers weten welke afspraken er lagen, welke spelers ergens doorheen zitten, welke details wel of niet volgens plan gingen. De buitenwereld kijkt sneller naar fouten, ranglijst en momentum. Tussen die twee lagen zit bijna altijd spanning. Bij Feyenoord is die nu zichtbaar aan het worden in interviews.

De vraag is hoeveel ruimte daar nog voor is als de resultaten blijven haperen. Daar zit het gevoelige punt. Op het moment dat supporters “Robin, rot op” zingen in Breda en journalisten hem voorhouden dat Feyenoord tegen NAC zelfs nog had kunnen verliezen, komt elk positief accent van een trainer zwaarder binnen dan normaal. Dat is bijna onvermijdelijk.

In de strijd om plek twee wordt ook zijn toon een deel van het verhaal

Feyenoord staat nog altijd op een plek die uitzicht geeft op de Champions League. Tegelijk oogt de omgeving onrustiger dan zo’n klassering doet vermoeden. In zulke weken tellen interviews meer mee dan anders. Niet omdat woorden belangrijker zijn dan voetbal, maar omdat woorden iets verraden over hoe een trainer onder druk blijft staan.

Van Persie lijkt in die momenten dicht bij zichzelf te willen blijven. Volgens betrokkenen wordt dat binnen een club vaak juist gewaardeerd: spelers voelen snel genoeg of een trainer in het openbaar iets zegt dat hij intern niet voelt. Er zit dus ook logica in zijn houding. Hij wil kennelijk niet voor de buitenwereld iets roepen waar hij zelf niet achter staat.

Toch zit daar een grens aan. Als hij te vaak blijft terugvallen op zijn eigen lezing, terwijl de rest van de omgeving iets anders ziet, kan zijn uitleg stroever gaan landen. Dat is nog geen definitief oordeel over hem als trainer. Het is wel een risico dat steeds zichtbaarder wordt.

De groeiende spanning tussen Van Persie en de media

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers