Geen Spaanse golf: Cruijff kiest bij Ajax ook voor clubmensen

Ajax heeft Siem de Jong en Daniël de Ridder aangesteld als technisch managers. Het klinkt als een interne promotie, maar in de context van dit moment is het meer dan dat. In Amsterdam ging het de afgelopen weken namelijk meer over de “Spaanse invasie” rond Jordi Cruijff en Óscar García bij Jong Ajax. 

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Siem de Jong en Ricardo van Rhijn bij duel van Ajax Legends
Siem de Jong en Ricardo van Rhijn bij duel van Ajax Legends

De Jong gaat de scouting coördineren en wordt aanspreekpunt richting teams en voetbalafdelingen. De Ridder krijgt een rol rond transfers en papierwerk. Kelly Zeeman en Ricardo van Rhijn blijven eveneens aan, met taken op media en commercie. Het is een set aan keuzes die vooral één ding zegt: Cruijff wil de organisatie vullen voordat hij de selectie gaat verbouwen.

Waarom ‘Spaanse invasie’ zo snel een thema werd bij Ajax

De term “Spaanse invasie” ontstond door het beeld dat Cruijff met García bij Jong Ajax een Spaanse koers inzet en landgenoten zou meenemen. In talkshows en columns werd het frame snel: Ajax verliest zijn cultuur, Ajax wordt “Spaans”. Cruijff zelf relativeerde dat. Zijn lijn: kwaliteit gaat boven paspoort, en zijn loopbaan is niet één nationaliteit.

Los van de discussie is het feitelijk zo dat García bij Jong Ajax wél meteen als symbool werd gebruikt. Jong Ajax pakte onder hem in vier wedstrijden zeven punten: twee keer winst, één keer gelijk, één keer verlies. Geen wondermiddel, wel net genoeg om het woord “schokeffect” weer op tafel te leggen. De Spaanse 'invasie' wordt ook geillustreerd door de vermeende interesse in Sergio Arribas.

De keuze voor De Jong en De Ridder: niet romantisch, maar praktisch

De Jong en De Ridder zijn niet alleen oud-spelers. Ze zijn de afgelopen jaren intern opgeleid en krijgen nu een functie waar je in een gezonde club juist rust mee probeert te creëren: scoutinglijnen die helder zijn, en transferprocessen die niet verzanden in ruis.

Dat is ook waar Ajax de afgelopen seizoenen te vaak tijd verloor. De club was regelmatig druk met het uitleggen van besluiten, in plaats van het uitvoeren ervan. Dan is een coördinerende rol bij scouting geen bijzaak, maar een poging om opnieuw één richting af te spreken. En papierwerk rond transfers klinkt saai, tot het ergens misgaat. Dan blijkt pas hoe duur “saai” kan worden, zoals in gevallen van Kamaldeen Sulemana.

De kracht en het risico van clubmensen bij Ajax

Ajax is groot geworden met clubmensen. Maar Ajax is er ook wel eens in vastgelopen. “Wij weten hoe het hoort” is een heerlijke zin, totdat het een rem wordt.

De vraag bij De Jong is dus niet of hij Ajax ademt. Dat doet hij. De vraag is of hij in scouting harde keuzes durft te maken: wie past, wie niet, en vooral wanneer je níét moet kopen omdat het publiek daarom vraagt. Scouting bij Ajax draait vaak om timing en overtuiging, niet om één lijstje met namen.

De Ridder krijgt een rol in het domein waar druk het hoogst is. Transfers zijn bij Ajax zelden neutraal. Ze gaan over geld, maar ook over gezichtsverlies, over verwachtingen in de Johan Cruijff ArenA, over de reflex om snel te repareren. Daar heb je iemand nodig die strak werkt en tegelijk rugdekking durft te vragen.

Een duidelijk signaal: Cruijff bouwt breder dan één nationaliteit

Ook de symboliek helpt Cruijff nu. De Jong, De Ridder en Van Rhijn speelden samen ruim vierhonderd wedstrijden voor Ajax en wonnen samen acht landstitels. De Jong (276 duels, 88 goals) was ook aanvoerder; Van Rhijn speelde er 163 en won met De Jong drie kampioenschappen in het begin van het vorige decennium.

Die cv’s lossen geen problemen op, maar ze geven wel een antwoord op de angst dat Ajax straks “van buiten” wordt bestuurd. Cruijff laat zien dat hij óók de kennis van binnen wil gebruiken, juist op plekken waar Ajax weer stabiel moet worden.

Wat dit betekent voor de komende maanden bij Ajax

De vraag blijft: is dit een reactie op kritiek, of was dit sowieso het plan? Waarschijnlijk allebei. Cruijff weet hoe Ajax werkt. Hij weet ook dat je in Amsterdam pas tijd koopt als je het verhaal een beetje controleert. Belangrijker is wat er nu volgt. Als De Jong de scouting écht gaat stroomlijnen, zie je dat terug in consistentere keuzes, niet in één grote aankoop. Als De Ridder de transferlijn strakker krijgt, merk je dat pas wanneer de druk oploopt en er tóch wordt doorgepakt zonder chaos.

En die “Spaanse invasie”? Die discussie gaat niet weg, maar verschuift wel. Het wordt minder: waar komen ze vandaan? En meer: werkt het? Dat is uiteindelijk de enige vraag die bij Ajax telt.

Kieft: ‘Ajax of Feyenoord, liever niet NEC’

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers