Waarom Bosz zijn huidige PSV terecht zijn meest Cruijffiaanse ploeg noemt

Peter Bosz kiest zijn woorden meestal niet per ongeluk, zeker niet als het over Johan Cruijff gaat. In de special van ESPN noemt hij dit PSV zijn meest Cruijffiaanse ploeg. Dat klinkt groot, misschien zelfs een tikje plechtig op de sterfdag van Cruijff. Alleen: als je goed luistert naar hoe Bosz zijn voetbal uitlegt, is die conclusie minder overdreven dan ze op het eerste gehoor lijkt.

(Tekst gaat verder onder afbeelding)

Peter Bosz spreekt over Cruijff bij ESPN's Spelinzicht
Peter Bosz spreekt over Cruijff bij ESPN's Spelinzicht

Bij PSV zit Cruijff vooral in de spelideeën van Bosz

Bosz heeft het niet over Cruijff als heilige naam of als losse inspiratieposter aan de muur. Hij koppelt hem aan een paar duidelijke uitgangspunten. Het publiek moet iets krijgen. Een ploeg moet durven. Je moet initiatief nemen. En de manier waarop je wint, doet ertoe. Daar zit meteen de kern. Cruijffiaans voetbal begint niet bij een formatie op papier, maar bij de vraag wie de wedstrijd wil dicteren.

Dat zie je bij dit PSV vrij duidelijk terug. De ploeg wil de bal, wil hoog staan, wil de tegenstander vastzetten en wil vooral zelf de toon zetten. Niet wachten tot een wedstrijd zich aandient, maar hem naar je toe trekken. Dat is geen detail. Dat is de basis.

Het huidige PSV van Bosz valt op door druk zetten en veldbezetting

In de cijfers en in het spelbeeld zie je dat ook terug. PSV hoort dit seizoen tot de meest dominante ploegen van de Eredivisie in goals, aanvallen, balbezit, verdedigende controle en pressing. Dat laatste is belangrijk, omdat juist daar vaak de Cruijff-lijn zichtbaar wordt: druk zetten begint niet als de tegenstander al op jouw helft staat, maar direct na balverlies. Snel, agressief, gezamenlijk.

Bosz legt dat zelf ook uit. Bij balverlies moet zijn ploeg niet eerst achteruit denken, maar naar voren sprinten. Dat is voor veel spelers onnatuurlijk, zegt hij, en dus moet je het trainen tot het in het systeem zit. Daar zit een heel herkenbare Cruijff-reflex in. Niet verdedigen vanuit angst, maar vanuit initiatief.

Ook de veldbezetting past daarin. Bosz wil elf spelers die mee kunnen doen in het positiespel. Daardoor kun je doorschuiven, driehoekjes maken, diagonale oplossingen vinden en de bal in beweging houden zonder dat de structuur uit elkaar valt. Het oogt soms vrij, maar het is behoorlijk precies.

Cruijff zou in Schouten bij PSV een logische gedachte herkennen

Een van de interessantste voorbeelden is Jerdy Schouten centraal achterin. Bosz zegt open dat Ryan Flamingo een betere pure verdediger is. Toch krijgt PSV met Schouten minder tegen. Waarom? Omdat Schouten rust brengt aan de bal, de oplossing eerder ziet en ervoor zorgt dat PSV langer in balbezit blijft. Minder balverlies, minder verdedigmomenten.

Dat klinkt op papier bijna tegenstrijdig. In de praktijk is het behoorlijk Cruijffiaans. Cruijff dacht ook vaak zo. Niet alleen kijken naar wie in een klassieke rol het sterkst is, maar naar wat een speler voor het totale idee van het elftal doet. Een verdediger verdedigt niet alleen door te tackelen. Soms verdedigt hij vooral door goed te voetballen.

Daarmee wordt Bosz’ uitspraak meteen concreet. Hij bedoelt niet: dit PSV lijkt op Ajax 1971. Hij bedoelt: deze ploeg denkt op een manier die dicht bij Cruijff komt.

Bij Bosz gaat het ook om details die Cruijff belangrijk vond

Dat zie je in kleinere dingen terug. Bosz heeft liever diagonale passes dan rechte ballen. Hij hamert op scannen, op uitstellen, op het juiste moment de volgende lijn zoeken. Hij wil spelers die niet alleen de bal aankunnen, maar ook de ruimte eromheen begrijpen. Dat soort details klinken technisch, maar ze zeggen veel over de manier waarop een trainer naar voetbal kijkt.

Cruijff had daar ook altijd iets mee. Voor hem was simpel voetbal niet makkelijk voetbal, maar precies voetbal. De bal op het juiste been, op het juiste moment, met het juiste doel. Geen truc om de truc, maar techniek die een vervolg mogelijk maakt. In dat opzicht zit er in Bosz’ PSV veel meer Cruijff dan alleen aanvallende intentie.

Ajax onder García is nog te pril om nu al harder Cruijffiaans te noemen

Juist daarom is de vergelijking met Ajax interessant, al is daar nu nog voorzichtigheid op zijn plaats. Jordi Cruijff zit als technisch directeur in een rol die vanzelf naar Johan terugwijst, en met Óscar García plus de Spaanse staf zitten er ook duidelijk voetbalinvloeden in de club die bij Cruijff aansluiten. Alleen: García coacht Ajax pas twee duels. Dat is simpelweg te weinig om al hard te zeggen dat het huidige Ajax op het veld nu meer of minder Cruijffiaans is dan PSV.

Bij Ajax zit die Cruijff-lijn op dit moment dus eerder in mensen, intenties en richting. Bij PSV zit die lijn al veel zichtbaarder in het spel zelf. Dat is een belangrijk verschil. Niet per se pijnlijk, wel actueel.

Daarom is Bosz’ uitspraak op 24 maart minder sentimenteel dan ze klinkt

Het sterke van zijn opmerking is dat ze niet alleen op gevoel drijft. Bosz onderbouwt het eigenlijk zelf al. Met zijn nadruk op publiek vermaken. Met hoge pressing. Met restverdediging die niet losstaat van balbezit. Met een centrumas die kan voetballen. Met spelers die constant moeten bewegen en denken. En met de overtuiging dat je beter ten onder kunt gaan aan je eigen idee dan veilig kunt blijven in andermans logica.

Dat laatste is misschien wel het meest Cruijffiaans van alles.

Dus ja, Bosz noemt dit PSV terecht zijn meest Cruijffiaanse ploeg. Niet omdat hij een grote naam nodig heeft om zijn team mooier te maken. Maar omdat je in dit elftal veel terugziet van wat Cruijff belangrijk vond: initiatief, durf, pressing, techniek, positiegevoel en het idee dat voetbal pas echt goed wordt als je het zelf probeert te beheersen. 

Van Götze tot Sterling: statementtransfers in Nederland
Hoe Ajax via Rayane Bounida toch waarde creëert
Grootste cultheleden in de geschiedenis van Feyenoord
Huiberts’ erfenis in cijfers bij AZ: 18 toptransfers